Voeding
Krachtvoer hoeveelheid berekenen voor je paard
Hoeveel krachtvoer heeft jouw paard eigenlijk nodig? Veel eigenaren geven te veel of te weinig, vaak omdat de berekening onduidelijk lijkt. Toch is het vrij overzichtelijk als je weet waar je op moet letten: lichaamsgewicht, arbeidsniveau en de samenstelling van het ruwvoer zijn de drie pijlers. In dit artikel lees je stap voor stap hoe je de juiste hoeveelheid krachtvoer berekent en waar je veelgemaakte fouten kunt vermijden.
Foilsithe: 5/23/2026
EquiSight Editorial
Redactie · EquiSight · SaFleu Equestrian Centre BV
Waarom krachtvoer überhaupt nodig is
Ruwvoer zoals hooi of gras vormt de basis van het paardenrantsoen. Maar zodra een paard meer werk verricht dan een lichte draf een paar keer per week, stijgt de energiebehoefte. Ruwvoer alleen kan die extra energie dan niet meer leveren zonder dat het paard een enorme hoeveelheid moet vreten. Krachtvoer — brok, muesli of pellets — is energiedichter en vult dat gat efficiënt. Let op: een paard in volledige rust of lichte arbeid heeft in veel gevallen helemaal geen krachtvoer nodig als het ruwvoer van goede kwaliteit is.
Stap 1: bepaal het lichaamsgewicht
Alles begint bij het gewicht van je paard. Zonder die basis klopt elke berekening niet. De meest nauwkeurige methode is een weegbrug, maar een meetlint geeft ook een redelijke schatting. Gebruik de formule: (borstomtrek in cm)² × schofthoogte in cm ÷ 11.880. Een warmbloed van 600 kg heeft een heel andere energiebehoefte dan een pony van 350 kg. Noteer het gewicht in je paardendossier in EquiSight zodat je bij iedere voedingsaanpassing snel kunt vergelijken.
Stap 2: bereken de energiebehoefte
De energiebehoefte wordt uitgedrukt in VEM (Voeder Eenheid Melk). Een paard in rust heeft per dag roughly 3,3 VEM per kilogram lichaamsgewicht nodig. Bij lichte arbeid (2-3 uur per week) loopt dat op naar circa 4,0 VEM/kg, bij gemiddelde arbeid naar 4,5-5,0 VEM/kg en bij zware arbeid of topsport naar 5,5-6,5 VEM/kg. Voor een warmbloed van 600 kg in gemiddelde arbeid betekent dat een dagelijkse behoefte van 600 × 4,7 = 2.820 VEM. Hooi van gemiddelde kwaliteit levert doorgaans 750-850 VEM per kilogram droge stof.
Stap 3: hooi dekt een deel van de behoefte
Stel dat hetzelfde paard van 600 kg dagelijks 10 kg hooi krijgt met een VEM-waarde van 800 per kg. Dan dekt het hooi 10 × 800 = 8.000 VEM... maar dat getal is al hoger dan de totale behoefte. In de praktijk eet een paard niet meer dan 2-2,5% van zijn lichaamsgewicht aan droge stof per dag, dus maximaal circa 12-15 kg. Bereken het tekort door de geleverde VEM van het ruwvoer af te trekken van de totale dagbehoefte. Dat tekort vul je aan met krachtvoer.
Maximale hoeveelheid per maaltijd
Geef nooit meer dan 400 gram krachtvoer per 100 kg lichaamsgewicht per maaltijd. Voor een paard van 600 kg betekent dat een maximum van 2,4 kg per keer. Verdeel de dagelijkse hoeveelheid altijd over minimaal twee giften om overbelasting van het maagdarmkanaal te voorkomen. Controleer ook het etiket van je krachtvoer: de VEM-waarde per kg staat altijd vermeld. Een brok met 900 VEM/kg levert meer energie per portie dan een muesli van 700 VEM/kg.
Factoren die de berekening beïnvloeden
- Leeftijd: jonge paarden (tot 3 jaar) en oudere paarden (20+) hebben aangepaste nutriëntenbehoeften.
- Dracht en lactatie: een dragende merrie heeft in het laatste trimester 20-30% meer energie nodig.
- Seizoen: in de winter verbrandt een paard meer energie om warm te blijven, zeker zonder deken.
- Conditiescore: gebruik de Henneke-schaal (1-9); streef naar een score van 5-6 voor de meeste paarden.
- Ruwvoerkwaliteit: laat hooi regelmatig analyseren — VEM-waarden variëren sterk per partij.
- Gezondheid: maagproblemen, PPID (Cushing) of EMS vragen om een aangepast rantsoen.
EquiCoach helpt je rekenen en bijhouden
De EquiCoach in EquiSight kan op basis van het gewicht, arbeidsniveau en ruwvoertype een berekening voor je maken en bijsturen als je omstandigheden veranderen. Via de agenda kun je voedingswijzigingen plannen en koppelen aan gezondheidsnotities in het paardendossier. Zo zie je in één oogopslag of een gedragsverandering of gewichtsschommeling samenhangt met een aanpassing in het rantsoen.
