Voeding
Voederplan voor een recreatiepaard: zo pak je het aan
Een recreatiepaard werkt misschien maar drie tot vier keer per week, maar dat betekent niet dat voeding er minder toe doet. Juist bij licht belaste paarden gaat het snel mis: te veel energie, te weinig beweging, en voor je het weet heb je een dik paard met gedragsproblemen of erger. Een goed voederplan houdt rekening met het gewicht, de conditiescore, het ruwvoer en de hoeveelheid werk. In dit artikel lees je hoe je stap voor stap een praktisch voederplan opstelt voor je recreatiepaard.
Published: 5/24/2026
EquiSight Editorial
Redactie · EquiSight · SaFleu Equestrian Centre BV

Begin bij het gewicht en de conditiescore
Voordat je ook maar één schep krachtvoer afweegt, wil je weten hoe je paard er nu voor staat. Schat het gewicht met een meetlint (omtrek x omtrek x lengte gedeeld door 11.877 geeft een redelijke benadering) of gebruik een weegbrug. Beoordeel daarna de conditiescore op een schaal van 1 tot 9. Voor een recreatiepaard streef je naar een score van 4,5 tot 5,5. Een score van 6 of hoger is een signaal om de voeding direct aan te passen. Leg dit vast in het paardendossier in EquiSight, zodat je maand over maand kunt vergelijken of je paard in de goede richting beweegt.
Ruwvoer is de basis van alles
De maag van een paard is gemaakt voor een vrijwel continue aanvoer van ruwvoer. De vuistregel: minimaal 1,5% van het lichaamsgewicht per dag aan droge stof uit ruwvoer. Voor een paard van 550 kg is dat zo'n 8 tot 9 kg hooi per dag. Laat je hooi analyseren — een monster kost ongeveer 30 tot 50 euro en geeft je exacte informatie over energie, eiwit, suiker en mineralen. Gras in de wei telt mee, maar is moeilijker te kwantificeren. Bij rijke voorjaarswei kan een paard van 550 kg zomaar 6 tot 8 kg droge stof per dag binnenkrijgen, ruim voldoende zonder extra ruwvoer.
Heeft je recreatiepaard krachtvoer nodig?
Veel recreatiepaarden die vier tot vijf uur per week in licht werk staan, hebben bij goed hooi geen krachtvoer nodig. Wat ze wél nodig hebben, zijn vitamines en mineralen. Een brok of een mineralenvoer aanvullen is dan de slimste keuze. Geef je toch een onderhouds- of lichtworkbrok, houd dan de hoeveelheid tussen de 0,5 en 1 kg per dag en weeg altijd af. Dé fout die je wilt vermijden is een volle bak goedkoop krachtvoer omdat het 'lekker is voor het paard'.
Pas de voeding aan op het seizoen
- Voorjaar en zomer: weidegang beperken bij risico op laminitis, hooi aanvullen met een mineralenvoer.
- Herfst: controleer of de wei voldoende opbrengt; pas het ruwvoer aan als gras minder wordt.
- Winter: paarden verbranden meer energie aan warmte; verhoog het ruwvoer met 10-15% bij langdurige vrieskou.
- Bij meer werk (vakanties, klinics): verhoog het krachtvoer geleidelijk, maximaal 0,5 kg per extra werkdag.
- Bij minder werk of blessure: schrap krachtvoer als eerste, ruwvoer blijft altijd op peil.
Water, zout en supplementen
Een paard van 550 kg drinkt gemiddeld 25 tot 50 liter water per dag, meer bij warmte of na inspanning. Zorg voor schoon, vers water altijd en onbeperkt beschikbaar. Een zoutlikkensteen is een goede basisaanvulling; paarden nemen zelf wat ze nodig hebben. Supplementen zijn pas zinvol als je een tekort kunt aantonen via een bloeduitslag of voeranalyse. Een voeradviseur of dierenarts kan helpen om onnodige kosten te vermijden. Leg alle aanvullingen en wijzigingen bij in het paardendossier, zodat je later precies weet wat je wanneer hebt gegeven.
Maak een eenvoudig dagschema
Consistentie is sleutelwoord bij paardenvoeding. Geef ruwvoer minstens twee tot drie keer per dag, of gebruik een voerautomaat. Krachtvoer geef je maximaal 2 kg per maaltijd — meer dan dat kan het verteringskanaal niet goed verwerken. Een voorbeeld dagschema voor een recreatiepaard van 550 kg:
- 07:00 — 3 kg hooi + 0,5 kg mineralenbrok
- 12:30 — Vrije weidegang of 2,5 kg hooi
- 17:00 — Training (max 45-60 minuten licht werk)
- 18:00 — 3 kg hooi na de training
- 22:00 — 2 kg hooi voor de nacht
Gebruik EquiCoach om het schema te bewaken
Voeding bijhouden is het halve werk; consequent bijsturen is de andere helft. Gebruik de agenda in EquiSight om gewichtsmetingen en conditiescores in te plannen, minimaal eens per maand. De EquiCoach-functie helpt je patronen te herkennen: stijgt de conditiescore langzaam maar gestaag terwijl het rantsoen niet is veranderd? Dan is het tijd om de weidegang of het ruwvoer onder de loep te nemen. Zo houd je je paard fit en gezond, zonder de gevreesde winterkilootjes.
